Ga naar artikel navigatie Ga naar inhoud

De pagina ververst bij het selecteren van een onderwerp.

Sla artikel navigatie over.

4.4 CO2-uitstoot

De CO2-uitstoot die direct of indirect vrijkomt bij het gebruik van energie in de woning is in de benchmark opgenomen, omdat het iets zegt over de werkelijke bijdrage aan het verlagen van de Nederlandse CO2-uitstoot. De kwaliteit van het gebouw is slechts één factor die invloed heeft op het verbruik van energie. Ook het gedrag van bewoners en de prijs van energie hebben invloed op het totale energieverbruik. Hoe elektriciteit en warmte worden opgewekt, heeft ook invloed op de hoogte van de CO2-uitstoot. Corporaties zijn niet verantwoordelijk voor en hebben maar een beperkte invloed op de verduurzaming van de opwekking van warmte en elektriciteit.

In de Aedes-benchmark brengen we de uitstoot in kaart door het gebruik van gas, elektriciteit en warmte. We maken onderscheid in de CO2-uitstoot die direct in de woning plaatsvindt (de verbranding van gas) en die indirect in de industriesector wordt uitgestoten (bij de productie van elektriciteit en warmte). Anders dan afgelopen jaren worden corporaties vergeleken op de gemiddelde werkelijke directe CO2-uitstoot. Voor het berekenen van het werkelijke verbruik gaan we uit van de gasgebruiken en elektriciteitsgebruiken uit het jaar 2019 die op geanonimiseerd adresniveau beschikbaar zijn bij het CBS. Een deel van de corporatiewoningen (8 procent) is aangesloten op een systeem van externe warmtelevering. Hierover heeft het CBS geen gegevens. Een deel van de corporaties heeft daarom daarvoor aanvullende gegevens aangeleverd.

Figuur 4-5: Gemiddelde directe en indirecte CO2-uitstoot corporatiewoning

In de benchmark vergelijken we de directe uitstoot. Voor benchlearning zijn de cijfers van de indirecte CO2-uitstoot beschikbaar. Deze indirecte uitstoot toont het werkelijke energiegebruik van woningen en heeft een relatie met de totale woonlasten van huurders.